CATEGORIE
  • CATEGORIE
  • Adviesorganen
  • Burgerrechten
  • Decentralisatie
  • Eigendom
  • Gelijkheid
  • Godsdienst en levensovertuiging
  • Grondwetsherziening
  • Internationale rechtsorde
  • Privacy
  • Rechtspleging
  • Rechtspraak
  • Regering, Koning
  • Sociale rechtsstaat
  • Staten-Generaal
  • Uitingsrechten
  • Wetgeving en bestuur
AUTEUR
  • AUTEUR
  • M. Adams
  • B.C. van Beers
  • A.A.L. Beers & K.T. Meijer
  • A.A.L. Beers & J.C.A. de Poorter
  • S.C. van Bijsterveld & B.P. Vermeulen
  • S.C. van Bijsterveld
  • G. Boogaard
  • G. Boogaard & J. Uzman
  • S.S. Buisman & S.B.G. Kierkels
  • S. Daniëls
  • J.W.A. Fleuren
  • F. Fleurke
  • J.L.M. Gribnau & M.R.T Pauwels
  • E.M.H. Hirsch Ballin
  • H.G. Hoogers
  • M. Houwerzijl & N. Zekic
  • M. Houwerzijl & F. Vlemminx
  • P. Jacobs
  • E.J. Janse de Jonge
  • S. Jellinghaus & E. Huisman
  • J. Kiewiet & G.F.M. van der Tang †
  • T. Kooijmans
  • E.J. Koops
  • G. Leenknegt
  • K.T. Meijer
  • D. Mentink, B.P. Vermeulen & P.J.J. Zoontjens
  • B.M.J. van der Meulen
  • F.C.M.A. Michiels
  • G. Overkleeft-Verburg
  • T. Peters
  • J.C.A. de Poorter
  • J.M. van Schooten, G. Leenknegt & M. Adams
  • G. van der Schyff & B.M.J. van der Meulen
  • J. Uzman & G. Boogaard
  • J. Uzman
  • B.P. Vermeulen
  • F.M.C. Vlemminx
  • F.M.C. Vlemminx & A.C.M. Meuwese
  • W.J.M. Voermans
  • B.W.N. de Waard
  • W. van der Woude
ARTIKEL
  • ARTIKEL
  • Artikel 1  Gelijke behandeling
  • Artikel 2  Nederlandschap en vreemdelingen
  • Artikel 3  Gelijke benoembaarheid
  • Artikel 4  Kiesrecht
  • Artikel 5  Petitierecht
  • Artikel 6  Vrijheid van godsdienst en levensovertuiging
  • Artikel 7  Vrijheid van meningsuiting
  • Artikel 8  Recht tot vereniging
  • Artikel 9  Recht tot vergadering en betoging
  • Artikel 10  Eerbiediging en bescherming persoonlijke levenssfeer
  • Artikel 11  Onaantastbaarheid van het lichaam
  • Artikel 12  Binnentreden woning
  • Artikel 13  Vertrouwelijke communicatie
  • Artikel 14  Onteigening
  • Artikel 15  Vrijheidsontneming
  • Artikel 16  Nulla poena
  • Artikel 17  Wettelijk toegekende rechter
  • Artikel 18  Rechtsbijstand
  • Artikel 19  Werkgelegenheid en arbeidskeuze
  • Artikel 20  Bestaanszekerheid
  • Artikel 21  Milieubescherming
  • Artikel 22  Volksgezondheid en woongelegenheid
  • Artikel 23  Onderwijs
  • Artikel 24  Koningschap
  • Artikel 25  Erfopvolging
  • Artikel 26  Status ongeboren kind Koning
  • Artikel 27  Afstand koningschap
  • Artikel 28  Afstand koningschap door huwelijk
  • Artikel 29  Uitsluiting troonopvolging
  • Artikel 30  Benoemde Koning
  • Artikel 31  Erfopvolging benoemde koning
  • Artikel 32  Inhuldiging Koning
  • Artikel 33  Koningschap en meerderjarigheid
  • Artikel 34  Ouderlijk gezag minderjarige Koning
  • Artikel 35  Buiten staat verklaring
  • Artikel 36  Tijdelijke neerlegging koninklijk gezag
  • Artikel 37  Uitoefening koninklijk gezag door regent
  • Artikel 38  Uitoefening koninklijk gezag door RvS
  • Artikel 39  Lidmaatschap koninklijk huis
  • Artikel 40  Uitkering koninklijk huis
  • Artikel 41  Inrichting huis Koning
  • Artikel 42  Ministeriële verantwoordelijkheid
  • Artikel 43  Regering en ministers
  • Artikel 44  Ministeries
  • Artikel 45  Ministerraad
  • Artikel 46  Staatssecretarissen
  • Artikel 47  Ondertekening en contraseign
  • Artikel 48  Ontslag en benoeming ministers
  • Artikel 49  Ambtseed minister en staatssecretaris
  • Artikel 50  Vertegenwoordiging
  • Artikel 51  Eerste en Tweede Kamer
  • Artikel 52  Zittingsduur
  • Artikel 53  Evenredige vertegenwoordiging
  • Artikel 54  Verkiezing Tweede Kamer
  • Artikel 55  Verkiezing Eerste Kamer
  • Artikel 56  Vereisten voor lidmaatschap
  • Artikel 57  Incompatibiliteiten
  • Artikel 57a  Zwangerschap en ziekte
  • Artikel 58  Geloofsbrieven
  • Artikel 59  Kiesrecht en verkiezingen
  • Artikel 60  Ambtsaanvaarding
  • Artikel 61  Voorzitter en griffier
  • Artikel 62  Verenigde vergadering
  • Artikel 63  Geldelijke voorzieningen
  • Artikel 64  Ontbinding Kamers
  • Artikel 65  Troonrede
  • Artikel 66  Openbaarheid vergaderingen
  • Artikel 67  Quorum
  • Artikel 68  Inlichtingenplicht bewindslieden
  • Artikel 69  Aanwezigheid bewindslieden
  • Artikel 70  Recht van enquête
  • Artikel 71  Parlementaire onschendbaarheid
  • Artikel 72  Reglement van orde
  • Artikel 73  Taak Raad van State
  • Artikel 74  Rechtspositie leden
  • Artikel 75  Inrichting, samenstelling, bevoegdheid Raad van State
  • Artikel 76  Algemene rekenkamer
  • Artikel 77  Rechtpositie leden rekenkamer
  • Artikel 78  Inrichting, samenstelling, bevoegdheid Rekenkamer
  • Artikel 78a  Nationale ombudsman
  • Artikel 79  Vaste colleges van advies
  • Artikel 80  Openbaarmaking advies
  • Artikel 81  Wetgevende macht
  • Artikel 82  Indienen wetsvoorstel
  • Artikel 83  Toezending wetsvoorstel TK
  • Artikel 84  Wijziging wetsvoorstel
  • Artikel 85  Toezending wetsvoorstel EK
  • Artikel 86  Intrekking wetsvoorstel
  • Artikel 87  Aanneming en bekrachtiging
  • Artikel 88  Bekendmaking en inwerkingtreding
  • Artikel 89  Algemene maatregel van bestuur
  • Artikel 90  Bevordering internationale rechtsorde
  • Artikel 91  Goedkeuring verdrag
  • Artikel 92  Bevoegdheden volkenrechtelijke organisaties
  • Artikel 93  Verbindende kracht verdrag
  • Artikel 94  Verdrag boven wet
  • Artikel 95  Bekendmaking verdrag
  • Artikel 96  Oorlogsverklaring
  • Artikel 97  Krijgsmacht
  • Artikel 98  Samenstelling krijgsmacht
  • Artikel 99  Gewetensbezwaren militaire dienst
  • Artikel 99a  Civiele verdediging
  • Artikel 100  Inlichtingen over krijgsmacht
  • Artikel 101  [vervallen]
  • Artikel 102  [vervallen]
  • Artikel 103  Uitzonderingstoestand
  • Artikel 104  Belastingheffing
  • Artikel 105  Recht van begroting
  • Artikel 106  Geldstelsel
  • Artikel 107  Codificatie
  • Artikel 108  [vervallen]
  • Artikel 109  Rechtspositie ambtenaren
  • Artikel 110  Openbaarheid van bestuur
  • Artikel 111  Ridderorden
  • Artikel 112  Civiele en administratieve rechtspraak
  • Artikel 113  Strafrechtspraak
  • Artikel 114  Doodstraf
  • Artikel 115  Administratief beroep
  • Artikel 116  Rechterlijke macht
  • Artikel 117  Rechtspositie leden rechterlijke macht
  • Artikel 118  Hoge Raad
  • Artikel 119  Ambtsmisdrijven
  • Artikel 120  Toetsingsverbod
  • Artikel 121  Openbaarheid terechtzittingen
  • Artikel 122  Gratie
  • Artikel 123  Instelling provincies en gemeenten
  • Artikel 124  Autonomie en medebewind
  • Artikel 125  Organen decentrale besturen
  • Artikel 126  Ambtsinstructie commissaris koning
  • Artikel 127  Vaststelling verordening
  • Artikel 128  Toekenning bevoegdheden
  • Artikel 129  Verkiezing vertegenwoordigend orgaan
  • Artikel 130  Kiesrecht gemeenteraad niet-Nederlanders
  • Artikel 131  Benoeming commissaris Koning
  • Artikel 132  Inrichting, samenstelling, bevoegdheid decentrale besturen
  • Artikel 132a  Caribische openbare lichamen
  • Artikel 133  Waterschappen
  • Artikel 134  Publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie
  • Artikel 135  Gemeenschappelijke regelingen
  • Artikel 136  Geschillen
  • Artikel 137  Grondwetswijziging
  • Artikel 138  Aanpassing niet gewijzigde bepalingen
  • Artikel 139  Bekendmaking en inwerkingtreding
  • Artikel 140  Handhaving bestaande regelgeving
  • Artikel 141  Bekendmaking herziene Grondwet
  • Artikel 142  Aanpassing Grondwet aan Statuut
  • Artikel IX - Berechting van misdrijven in oorlogstijd
  • Artikel XIX - Afkondigingsformulier
HOOFDSTUK
  • HOOFDSTUK
  • Hoofdstuk 1  Grondrechten
  • Hoofdstuk 2  Regering
  • Hoofdstuk 3  Staten-Generaal
  • Hoofdstuk 4  Adviesorganen
  • Hoofdstuk 5  Wetgeving en bestuur
  • Hoofdstuk 6  Rechtspraak
  • Hoofdstuk 7  Decentralisatie
  • Hoofdstuk 8  Herziening grondwet
  • Additionele artikelen

DE GRONDWET

Artikel 66 - Openbaarheid vergaderingen

  1. De vergaderingen van de Staten-Generaal zijn openbaar.

  2. De deuren worden gesloten, wanneer een tiende deel van het aantal aanwezige leden het vordert of de voorzitter het nodig oordeelt.

  3. Door de kamer, onderscheidenlijk de kamers in verenigde vergadering, wordt vervolgens beslist of met gesloten deuren zal worden beraadslaagd en besloten.

Artikel 125 - Organen decentrale besturen

  1. Aan het hoofd van de provincie en de gemeente staan provinciale staten onderscheidenlijk de gemeenteraad. Hun vergaderingen zijn openbaar, behoudens bij de wet te regelen uitzonderingen.

  2. Van het bestuur van de provincie maken ook deel uit gedeputeerde staten en de commissaris van de Koning, van het bestuur van de gemeente het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester.

Artikel 133 - Waterschappen

  1. De opheffing en instelling van waterschappen, de regeling van hun taken en inrichting, alsmede de samenstelling van hun besturen, geschieden volgens bij de wet te stellen regels bij provinciale verordening, voor zover bij of krachtens de wet niet anders is bepaald.

  2. De wet regelt de verordenende en andere bevoegdheden van de besturen van de waterschappen, alsmede de openbaarheid van hun vergaderingen.

  3. De wet regelt het provinciale en overige toezicht op deze besturen. Vernietiging van besluiten van deze besturen kan alleen geschieden wegens strijd met het recht of het algemeen belang.

WETENSCHAPPELIJK COMMENTAAR

E.J. Janse de Jonge

ARTIKEL 66 - Openbaarheid vergaderingen

INHOUD
  1. Historie van de openbaarheid van vergaderingen van de Staten-Generaal
  2. Toehoorders verwijderen of de toegang ontzeggen
  3. Besloten vergaderingen
  4. Jurisprudentie
  5. Literatuur
  6. Historische versies
 

Editie januari 2016

1. Historie van de openbaarheid van vergaderingen
    van de Staten-Generaal[1]

Artikel 66 bevat het fundamentele voorschrift dat de vergaderingen van de Staten-Generaal in beginsel openbaar zijn. Deze openbaarheid werd voor de Tweede Kamer al vastgelegd in artikel 108 van de Grondwet van 1815. De plenaire vergaderingen van de Tweede Kamer zijn sinds 1815 openbaar, die van de Eerste Kamer sinds 1848. Bij de grondwetsherziening van 1848 werd het openbaarheidsbeginsel ook van toepassing verklaard voor de vergaderingen van de Eerste Kamer en de verenigde vergaderingen (artikel 96 van de Grondwet van 1848).
 
In artikel 66 komt minder duidelijk dan in artikel 111 van de Grondwet van 1972 tot uitdrukking welke vergaderingen openbaar zijn. Onhelder is of openbaarheid alleen voor de vergaderin­gen van de voltallige kamers of ook voor de vergaderingen van commissies geldt. Uit artikel 111 van de Grondwet van 1972 kan men duidelijk afleiden dat de openbaarheidsplicht van toepassing is op de afzonderlijke én verenigde vergaderingen van de beide kamers. Dit is blijkbaar ook de strekking van het huidige artikel 66. Een eerste argument daarvoor is dat ingevolge het derde lid van het artikel door de Kamer, onderscheidenlijk door de Kamers in verenigde vergadering, wordt beslist of met gesloten deuren wordt beraadslaagd en besloten. Daarnaast blijkt uit de memorie van toelichting dat de term ‘vergaderingen’ in artikel 66 wordt gebruikt als aanduiding voor de bijeenkomst van een Kamer.[2] Bovendien is daarin vermeld dat het artikel vrijwel ongewijzigd het bepaalde in artikel 111 Grondwet 1972 bevat. De conclusie mag dan ook zijn dat de openbaarheidsplicht van artikel 66 niet geldt voor de vergaderingen van Kamercom­missies.

 
De Kamers vergaderen evenwel met gesloten deuren – in comité-generaal, zoals dat heet – indien een tiende van de aanwezige leden het vordert of de kamervoorzitter het nodig oordeelt. Tot 1971 werd de raming van de uitgaven van de Kamers in de beide Kamers nog in comité-generaal behandeld. Sindsdien heeft de Tweede Kamer slechts eenmaal in comité-generaal vergaderd om de vertrouwelijkheid van kamerstukken – waaronder verslagen van vergaderingen met gesloten deuren – op te heffen.
 
In 1980 besloot de Tweede Kamer door middel van een wijziging van haar reglement van orde, ook voor de commissievergaderingen de openbaarheid als uitgangspunt te kiezen.[3] Uitzonderingen op deze regel vormen in de Tweede Kamer – het deel van – de vergadering waarin de te volgen procedures aan de orde zijn alsmede de behandeling van aan de commissie gerichte brieven.
 
De vergaderingen van enkele Tweede-Kamercommissies, waaronder die voor de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (CIVD, in Den Haag beter bekend als de “commissie-stiekem”) en voor de werkwijze, zijn op grond van een besluit van de Kamer besloten.
 
De vergaderingen van commissies van de Eerste Kamer zijn niet openbaar. Commissievergaderingen in de Eerste Kamer zijn meestal van procedurele aard en de niet-openbaarheid is ook ingegeven door de krappe behuizing van de Senaat aan het Binnenhof.
 
Bepalingen over de openbaarheid van vergaderingen van commissies zijn te vinden in de reglementen van orde van beide Kamers. De artikelen 143-145 van het Regelement van Orde van de Tweede Kamer spreken slechts  over de geheimhouding van het beraad in commissievergaderingen of plenaire vergaderingen en de sancties ten aanzien van leden die de geheimhoudingsplicht schenden. 
 
In het najaar van 2015 kwam na uitgebreid onderzoek door het Openbaar Ministerie aan het licht dat een of enkele fractievoorzitters van de Tweede Kamer mogelijk naar de pers hebben gelekt vanuit de Commissie voor de Inlichtingen en Veiligheidsdiensten (CIVD). Op 11 november 2015 heeft het College van procureurs-generaal aan de Voorzitter van de Tweede Kamer meegedeeld dat het Openbaar Ministerie de behandeling van de aangifte over het lekken van informatie uit een besloten vergadering van de Commissie IVD, waarvan op 13 maart 2014 aangifte is gedaan door de voorzitter van de Commissie IVD, zou worden overgedragen aan het Presidium van de Tweede Kamer.  Na beraad in het Presidium over deze brief heeft de Kamer op basis van een brief van de voorzitter besloten een Commissie in te stellen. De Commissie bracht op 20 januari 2016 rapport uit en stelde, voorspelbaar, vast dat 'de commissie in haar onderzoek geen feiten of omstandigheden heeft aangetroffen die leiden tot een redelijk vermoeden van schuld van één of meer personen aan het opzettelijk schenden van de geheimhouding van de CIVD.' Daarmee 'stelt de commissie de Tweede Kamer voor vast te stellen dat dientengevolge genoegzame gronden voor vervolging ontbreken'.[4]
 
Artikel 119 Grondwet bepaalt dat Kamerleden en bewindspersonen in eerste en enige instantie vervolgd worden door de Hoge Raad en dat de opdracht tot vervolging alleen gegeven kan worden door de regering of de Tweede Kamer. In de Wet ministeriële verantwoordelijkheid is vervolgens geregeld welke procedure gevolgd moet worden om tot een beslissing over vervolging van een ambtsmisdrijf door leden van de Tweede Kamer te kunnen komen.
 
Het lek gaat over 1,8 miljoen Nederlandse telefoongegevens, die in 2013 bij de Amerikaanse geheime dienst NSA waren beland. Minister Plasterk ontkende op televisie dat Nederland aan de overdracht van de telefoongegevens had meegewerkt. Later bleek dat Nederland dat wel had gedaan.
Volgens minister Plasterk heeft hij toen via de commissie CIVD de Tweede Kamer geïnformeerd. De fractievoorzitters van de Tweede Kamer lieten destijds doorschemeren dat zij niet waren geïnformeerd. 

2. Toehoorders verwijderen of de toegang ontzeggen

Het doen verwijderen van toehoorders en ook het hen ontzeggen van de toegang tot de publieke tribune zijn beperkingen van de regel dat de vergaderingen openbaar zijn. Voor die beperkingen is in de tekst van artikel 66 geen grondslag te vinden. Berusten ze echter op het reglement van orde van de Kamer, dan steunen die beperkingen in zoverre wel op een grondwettelijke basis dat op grond van artikel 72 Grondwet de Kamers elk afzonderlijk en in verenigde vergadering een reglement van orde vaststellen.
 
Ingevolge artikel 152, eerste lid, van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer (RvO II) kan het Presidium regels stellen omtrent de toelating van bezoekers tot het gebouw van de Kamer en in het bijzonder van toehoorders tot de tribunes. Deze regels, zo stelt het eerste lid, mogen het beginsel van de openbaarheid van de vergaderingen van de Kamer, met uitzondering van die welke overeenkomstig dit reglement met gesloten deuren worden gehouden, niet aantasten. Volgens het tweede lid van artikel 152 kan de voorzitter degene die de orde stoort of heeft gestoord, doen vertrekken en desnoods alle toehoorders of allen die zich op een bepaalde tribune bevinden doen verwijderen. In artikel 79 RvO I is bepaald dat de voorzitter toeziet op het gedrag van de toehoorders en bij overtreding van de gedragsregels de overtreders of allen die zich op een bepaald tribunegedeelte bevinden kan doen vertrekken.
 
De desbetreffende bepalingen in de reglementen van orde, die als beperkingen van de grondwettelijk gewaarborgde openbaarheid van vergadering restrictief behoren te worden uitgelegd, bieden geen basis voor de bevoegdheid van het Presidium of van de voorzitter om mogelijke ordeverstoorders tevoren de toegang tot de publieke tribune te ontzeggen. Wanneer ter voorkoming van ordeverstoringen minder toehoorders op de publieke tribune worden toegelaten dan qua capaciteit mogelijk is of bepaalde personen, die zich eerder aan ordeverstoringen hebben schuldig gemaakt, de toegang tot de tribune wordt ontzegd, verdragen deze maatregelen zich niet met de thans geldende reglementen.
 
In het verleden is het regelmatig voorgekomen dat bezoekers doordrongen tot in de plenaire  vergaderzaal van de Tweede Kamer. Tegenwoordig kent het kamergebouw een aparte ingang voor bezoekers. Leden en oud-leden van de Staten-Generaal betreden het gebouw via een sluis door middel van een persoonlijke pas.  

3. Besloten vergaderingen

De deuren worden gesloten wanneer een tiende deel van het aantal aanwezige leden het vordert of de voorzitter het nodig oordeelt. Het betreft hier niet de bevoegdheid om het sluiten van de deuren te mogen vragen, maar om een onmiddellijke sluiting te eisen.[5] De regering meende dat niet de mogelijkheid moest worden geopend dat slechts één lid het sluiten van de deuren zou kunnen eisen, met uitzondering van de voorzitter. Een vergadering met gesloten deuren diende volgens haar hoge uitzondering te blijven. Daarmee achtte zij in overeen­stemming dat tot het houden van een besloten discussie over de vraag of met gesloten deuren wordt vergaderd, niet reeds moest worden overgegaan als een enkel Kamerlid dat zou wensen. Zou een lid menen dat de deuren moesten worden gesloten, dan zou hij deze wens kenbaar kunnen maken aan de voorzitter. De voorzitter zou het sluiten van de deuren nodig kunnen oordelen, waarna de Kamer zou moeten beslissen of met gesloten deuren zal worden beraadslaagd en besloten.
 
Beslotenheid van vergaderingen betekent tevens dat ook achteraf het niet mogelijk is om stukken op te vragen door burgers.[6]
 
Een opvallend besluit van het parlement was om het gesprek van de fractievoorzitters van de Eerste en Tweede Kamer op 7-1-2016 met de Europese Commissie in het kader van het EU-Voorzitterschap van Nederland in de eerste helft van 2016, besloten te houden. Gespreksthema’s waren ‘migratie en vluchtelingen’ en ‘de Europese begroting/het meerjarig financieel kader’.[7] Opmerkelijk, omdat er onvoldoende inhoudelijke argumenten waren om tot beslotenheid van deze bijeenkomst over te gaan. Er volgde dan ook veel kritiek op het besluit van beide kamers.[8]
 
Wat de term ‘aanwezig’ betreft was de regering van oordeel dat de reglementen van orde van de beide Kamers deze nader zouden kunnen uitwerken, met inachtneming van de grondwettelijke bepalingen.[9] Volgens de thans geldende regels wordt een lid geacht aanwezig te zijn indien deze de presentielijst heeft getekend.[10] Van het aldus aanwezig te achten aantal leden kan bij de toepassing van artikel 66 worden uitgegaan.

4. Jurisprudentie  

- Rechtbank Midden-Nederland, 10-12-2014, AWB - 14 _ 3304

5. Literatuur

Recente literatuur of het specifieke vragstuk van de openbaarheid van vergadering van de Kamers der Staten-Generaal zijn ons niet bekend. Een ‘klassieker’ is:
 
- F.J.F.M. Duynstee, Openbaarheid van de werkzaamheden van de kamers, in: B. de Goede en H.Th.J.F. van Maarseveen (red.), Hoe openbaar wordt ons bestuur?, 's Gravenhage 1969, p. 41-74.

6. Historische versies

Art. 98 Gw. 1815: In tijd van vrede worden de zittingen der Staten‑Generaal beurtelings om het andere jaar in eene stad der noordelijke, en in eene stad der zuidelijke provincien gehouden.
Art. 108 Gw. 1815: De zittingen der tweede kamer van de Staten‑Generaal, worden in het openbaar gehouden. De Kamer raadpleegt met gesloten deuren, wanneer een tiende gedeelte der tegenwoordige leden het vordert, of de president het noodig oordeelt.
Over de punten die in de besloten Kamer zijn behandeld, kan ook in dezelve een besluit genomen worden (art. 109 Gw. 1840).
Art. 96 Gw. 1848: De afzonderlijke zittingen der beide Kamers, en evenzoo de veree‑nigde zittingen, worden in het openbaar gehouden.
De deuren worden gesloten, wanneer een tiende gedeelte der aanwezige leden het vordert of de voorzitter het noodig keurt.
De vergadering beslist, of met gesloten deuren zal worden beraadslaagd.
Over de punten in besloten vergadering behandeld, kan daarin ook een besluit worden genomen.
Art. 101 Gw. 1887: De afzonderlijke vergaderingen der beide Kamers en evenzoo de vereenigde vergaderingen worden in het openbaar gehouden.
De deuren worden gesloten, wanneer een tiende gedeelte der aanwezige leden het vordert of de Voorzitter het noodig keurt.
De vergadering beslist, of met gesloten deuren zal worden beraadslaagd.
Over de punten in besloten vergadering behandeld, kan daarin ook een besluit worden genomen (art. 102 Gw. 1922; art. 104 Gw. 1938; art. 111 Gw. 1953).

Noten

  1. Zie tevens A.A. L. Beers, Artikel 68, in: P.W.C. Akkermans, A.K. Koekkoek (red.), De Grondwet. Een systematisch en artikelsgewijs commentaar, Deventer 1992 p. 642-645.
  2. Kamerstukken II 1976/77, 14 224, nr. 3, p. 5 (Nng IIIa, p. 240).
  3. Dit mede naar aanleiding van de dan nieuwe Wet openbaarheid van bestuur (Stb. 1978, nr. 581).
  4. Ingesteld bij brief aan de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaa,l Den Haag, 12 november 2015 (http://www.tweedekamer.nl/sites/default/files/atoms/files/brief_presidium_aan_kamer_0.pdf). Voor het rapport, zie: www.tweedekamer.nl/sites/default/files/atoms/files/verslag_commissie_van_onderzoek.pdf
  5. Kamerstukken II 1978/79, 14 224, nr. 6, p. 4 (Nng IIIa, p. 259).
  6. Rechtbank Midden-Nederland, 10-12-2014, AWB - 14 _ 3304.
  7. Het besluit om de deuren dicht te houden werd overigens genomen door een speciale stuurgroep die de parlementaire activiteiten coördineert tijdens het halfjaarlijkse Nederlandse voorzitterschap van de Europese Unie dat op 1-1-2016 startte. Behalve de voorzitters uit beide kamers bestond deze stuurgroep uit de voorzitters van de commissies voor Europese Zaken uit de Eerste en Tweede Kamer en de twee griffiers uit beide Kamers.
  8. Zie: http://www.nrc.nl/next/2016/01/06/eu-voorzitterschap-verbaasde-europese-commissie-zi-1577478.
  9. Idem.
  10. Art. 49 RvO II (editie van 17 april 2014, kamerstukken II 2013-2014, 33909) en art. 75 RvO I.

 

  • Citeer
    Citeer suggestie
    E.J. Janse de Jonge, Commentaar op artikel 66 van de Grondwet, in: E.M.H. Hirsch Ballin en G. Leenknegt (red.), Artikelsgewijs commentaar op de Grondwet, webeditie 2019 (www.Nederlandrechtsstaat.nl).
  • Deel
  • PDF
  • Terug
MEER OVER DIT ONDERWERP
THEMA IN HET KORT
ACHTER-GRONDEN
Reageer!
Thema in het kort

Openbaarheid vergaderingen

De openbaarheid van vergaderingen van de hoogste vertegenwoordigende organen is essentieel in een democratie. Elke burger moet, door de vergaderingen van die organen bij te wonen, kunnen zien en horen wat mede in zijn naam wordt besloten, welke argumenten daarbij een rol spelen en welke afwegingen worden gemaakt.
 
De vergaderingen van de beide kamers van de Staten-Generaal afzonderlijk en van de verenigde vergadering zijn daarom voor het publiek toegankelijk en wat de Tweede Kamer betreft  permanent via televisie- en internetkanalen te volgen. De beide kamers en ook de verenigde vergadering kunnen in beslotenheid vergaderen wanneer er gevoelige zaken aan de orde zijn. Het kan dan bijvoorbeeld gaan om vraagstukken die de veiligheid van de staat betreffen, maar dit komt in de praktijk niet voor.

Plaats Uw Reactie

*Verplicht invulveld straks zijn alleen uw naam en reactie zichtbaar.

Er kan enige tijd overheengan tot uw reactie zichtbaar is.

Reageer!

Openbaarheid vergaderingen

0 reacties
Klassieke uitspraken
Recente Recht- spraak
Politiek
Klassieke uitspraken

Openbaarheid vergaderingen

Over dit artikel zijn ons geen belangrijke en ‘klassieke’ rechterlijke uitspraken bekend.

Recente rechtspraak

Openbaarheid vergaderingen

Over dit artikel zijn ons geen recente rechterlijke uitspraken bekend.

Politiek

Openbaarheid vergaderingen

Video
Blogs
IN DE WERELD
Blogs

Openbaarheid vergaderingen

In de wereld

Openbaarheid vergaderingen