CATEGORIE
  • CATEGORIE
  • Adviesorganen
  • Burgerrechten
  • Decentralisatie
  • Eigendom
  • Gelijkheid
  • Godsdienst en levensovertuiging
  • Grondwetsherziening
  • Internationale rechtsorde
  • Privacy
  • Rechtspleging
  • Rechtspraak
  • Regering, Koning
  • Sociale rechtsstaat
  • Staten-Generaal
  • Uitingsrechten
  • Wetgeving en bestuur
AUTEUR
  • AUTEUR
  • M. Adams
  • B.C. van Beers
  • A.A.L. Beers & K.T. Meijer
  • A.A.L. Beers & J.C.A. de Poorter
  • S.C. van Bijsterveld & B.P. Vermeulen
  • S.C. van Bijsterveld
  • G. Boogaard
  • G. Boogaard & J. Uzman
  • S.S. Buisman & S.B.G. Kierkels
  • S. Daniëls
  • J.W.A. Fleuren
  • F. Fleurke
  • J.L.M. Gribnau & M.R.T Pauwels
  • E.M.H. Hirsch Ballin
  • H.G. Hoogers
  • M. Houwerzijl & N. Zekic
  • M. Houwerzijl & F. Vlemminx
  • P. Jacobs
  • E.J. Janse de Jonge
  • S. Jellinghaus & E. Huisman
  • J. Kiewiet & G.F.M. van der Tang †
  • T. Kooijmans en J. van der Ham
  • E.J. Koops
  • G. Leenknegt
  • K.T. Meijer
  • D. Mentink, B.P. Vermeulen & P.J.J. Zoontjens
  • B.M.J. van der Meulen
  • F.C.M.A. Michiels
  • G. Overkleeft-Verburg
  • T. Peters
  • J.C.A. de Poorter
  • J.M. van Schooten, G. Leenknegt & M. Adams
  • G. van der Schyff
  • J. Uzman & G. Boogaard
  • J. Uzman
  • B.P. Vermeulen
  • F.M.C. Vlemminx
  • F.M.C. Vlemminx & A.C.M. Meuwese
  • W.J.M. Voermans
  • B.W.N. de Waard
  • W. van der Woude
ARTIKEL
  • ARTIKEL
  • Artikel 1  Gelijke behandeling
  • Artikel 2  Nederlandschap en vreemdelingen
  • Artikel 3  Gelijke benoembaarheid
  • Artikel 4  Kiesrecht
  • Artikel 5  Petitierecht
  • Artikel 6  Vrijheid van godsdienst en levensovertuiging
  • Artikel 7  Vrijheid van meningsuiting
  • Artikel 8  Recht tot vereniging
  • Artikel 9  Recht tot vergadering en betoging
  • Artikel 10  Eerbiediging en bescherming persoonlijke levenssfeer
  • Artikel 11  Onaantastbaarheid van het lichaam
  • Artikel 12  Binnentreden woning
  • Artikel 13  Vertrouwelijke communicatie
  • Artikel 14  Onteigening
  • Artikel 15  Vrijheidsontneming
  • Artikel 16  Nulla poena
  • Artikel 17  Wettelijk toegekende rechter
  • Artikel 18  Rechtsbijstand
  • Artikel 19  Werkgelegenheid en arbeidskeuze
  • Artikel 20  Bestaanszekerheid
  • Artikel 21  Milieubescherming
  • Artikel 22  Volksgezondheid en woongelegenheid
  • Artikel 23  Onderwijs
  • Artikel 24  Koningschap
  • Artikel 25  Erfopvolging
  • Artikel 26  Status ongeboren kind Koning
  • Artikel 27  Afstand koningschap
  • Artikel 28  Afstand koningschap door huwelijk
  • Artikel 29  Uitsluiting troonopvolging
  • Artikel 30  Benoemde Koning
  • Artikel 31  Erfopvolging benoemde koning
  • Artikel 32  Inhuldiging Koning
  • Artikel 33  Koningschap en meerderjarigheid
  • Artikel 34  Ouderlijk gezag minderjarige Koning
  • Artikel 35  Buiten staat verklaring
  • Artikel 36  Tijdelijke neerlegging koninklijk gezag
  • Artikel 37  Uitoefening koninklijk gezag door regent
  • Artikel 38  Uitoefening koninklijk gezag door RvS
  • Artikel 39  Lidmaatschap koninklijk huis
  • Artikel 40  Uitkering koninklijk huis
  • Artikel 41  Inrichting huis Koning
  • Artikel 42  Ministeriële verantwoordelijkheid
  • Artikel 43  Regering en ministers
  • Artikel 44  Ministeries
  • Artikel 45  Ministerraad
  • Artikel 46  Staatssecretarissen
  • Artikel 47  Ondertekening en contraseign
  • Artikel 48  Ontslag en benoeming ministers
  • Artikel 49  Ambtseed minister en staatssecretaris
  • Artikel 50  Vertegenwoordiging
  • Artikel 51  Eerste en Tweede Kamer
  • Artikel 52  Zittingsduur
  • Artikel 53  Evenredige vertegenwoordiging
  • Artikel 54  Verkiezing Tweede Kamer
  • Artikel 55  Verkiezing Eerste Kamer
  • Artikel 56  Vereisten voor lidmaatschap
  • Artikel 57  Incompatibiliteiten
  • Artikel 57a  Zwangerschap en ziekte
  • Artikel 58  Geloofsbrieven
  • Artikel 59  Kiesrecht en verkiezingen
  • Artikel 60  Ambtsaanvaarding
  • Artikel 61  Voorzitter en griffier
  • Artikel 62  Verenigde vergadering
  • Artikel 63  Geldelijke voorzieningen
  • Artikel 64  Ontbinding Kamers
  • Artikel 65  Troonrede
  • Artikel 66  Openbaarheid vergaderingen
  • Artikel 67  Quorum
  • Artikel 68  Inlichtingenplicht bewindslieden
  • Artikel 69  Aanwezigheid bewindslieden
  • Artikel 70  Recht van enquête
  • Artikel 71  Parlementaire onschendbaarheid
  • Artikel 72  Reglement van orde
  • Artikel 73  Taak Raad van State
  • Artikel 74  Rechtspositie leden
  • Artikel 75  Inrichting, samenstelling, bevoegdheid Raad van State
  • Artikel 76  Algemene rekenkamer
  • Artikel 77  Rechtpositie leden rekenkamer
  • Artikel 78  Inrichting, samenstelling, bevoegdheid Rekenkamer
  • Artikel 78a  Nationale ombudsman
  • Artikel 79  Vaste colleges van advies
  • Artikel 80  Openbaarmaking advies
  • Artikel 81  Wetgevende macht
  • Artikel 82  Indienen wetsvoorstel
  • Artikel 83  Toezending wetsvoorstel TK
  • Artikel 84  Wijziging wetsvoorstel
  • Artikel 85  Toezending wetsvoorstel EK
  • Artikel 86  Intrekking wetsvoorstel
  • Artikel 87  Aanneming en bekrachtiging
  • Artikel 88  Bekendmaking en inwerkingtreding
  • Artikel 89  Algemene maatregel van bestuur
  • Artikel 90  Bevordering internationale rechtsorde
  • Artikel 91  Goedkeuring verdrag
  • Artikel 92  Bevoegdheden volkenrechtelijke organisaties
  • Artikel 93  Verbindende kracht verdrag
  • Artikel 94  Verdrag boven wet
  • Artikel 95  Bekendmaking verdrag
  • Artikel 96  Oorlogsverklaring
  • Artikel 97  Krijgsmacht
  • Artikel 98  Samenstelling krijgsmacht
  • Artikel 99  Gewetensbezwaren militaire dienst
  • Artikel 99a  Civiele verdediging
  • Artikel 100  Inlichtingen over krijgsmacht
  • Artikel 101  [vervallen]
  • Artikel 102  [vervallen]
  • Artikel 103  Uitzonderingstoestand
  • Artikel 104  Belastingheffing
  • Artikel 105  Recht van begroting
  • Artikel 106  Geldstelsel
  • Artikel 107  Codificatie
  • Artikel 108  [vervallen]
  • Artikel 109  Rechtspositie ambtenaren
  • Artikel 110  Openbaarheid van bestuur
  • Artikel 111  Ridderorden
  • Artikel 112  Civiele en administratieve rechtspraak
  • Artikel 113  Strafrechtspraak
  • Artikel 114  Doodstraf
  • Artikel 115  Administratief beroep
  • Artikel 116  Rechterlijke macht
  • Artikel 117  Rechtspositie leden rechterlijke macht
  • Artikel 118  Hoge Raad
  • Artikel 119  Ambtsmisdrijven
  • Artikel 120  Toetsingsverbod
  • Artikel 121  Openbaarheid terechtzittingen
  • Artikel 122  Gratie
  • Artikel 123  Instelling provincies en gemeenten
  • Artikel 124  Autonomie en medebewind
  • Artikel 125  Organen decentrale besturen
  • Artikel 126  Ambtsinstructie commissaris koning
  • Artikel 127  Vaststelling verordening
  • Artikel 128  Toekenning bevoegdheden
  • Artikel 129  Verkiezing vertegenwoordigend orgaan
  • Artikel 130  Kiesrecht gemeenteraad niet-Nederlanders
  • Artikel 131  Benoeming commissaris Koning
  • Artikel 132  Inrichting, samenstelling, bevoegdheid decentrale besturen
  • Artikel 132a  Caribische openbare lichamen
  • Artikel 133  Waterschappen
  • Artikel 134  Publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie
  • Artikel 135  Gemeenschappelijke regelingen
  • Artikel 136  Geschillen
  • Artikel 137  Grondwetswijziging
  • Artikel 138  Aanpassing niet gewijzigde bepalingen
  • Artikel 139  Bekendmaking en inwerkingtreding
  • Artikel 140  Handhaving bestaande regelgeving
  • Artikel 141  Bekendmaking herziene Grondwet
  • Artikel 142  Aanpassing Grondwet aan Statuut
  • Artikel IX - Berechting van misdrijven in oorlogstijd
  • Artikel XIX - Afkondigingsformulier
HOOFDSTUK
  • HOOFDSTUK
  • Hoofdstuk 1  Grondrechten
  • Hoofdstuk 2  Regering
  • Hoofdstuk 3  Staten-Generaal
  • Hoofdstuk 4  Adviesorganen
  • Hoofdstuk 5  Wetgeving en bestuur
  • Hoofdstuk 6  Rechtspraak
  • Hoofdstuk 7  Decentralisatie
  • Hoofdstuk 8  Herziening grondwet
  • Additionele artikelen

DE GRONDWET

Artikel 62 - Verenigde vergadering

De voorzitter van de Eerste Kamer heeft de leiding van de verenigde vergadering.

Artikel 65 - Troonrede

Jaarlijks op de derde dinsdag van september of op een bij de wet te bepalen eerder tijdstip wordt door of namens de Koning in een verenigde vergadering van de Staten-Generaal een uiteenzetting van het door de regering te voeren beleid gegeven.

WETENSCHAPPELIJK COMMENTAAR

G. Leenknegt

ARTIKEL 62 - Verenigde vergadering

INHOUD
  1. Het voorzitterschap van de verenigde vergadering
  2. Literatuur
  3. Historische versies
   
Editie maart 2016[1]

1. Het voorzitterschap van de verenigde vergadering

Al sinds de Grondwet van 1815 heeft de voorzitter van de Eerste Kamer het ‘beleid der vergadering’, waarmee de leiding van de verenigde vergadering werd bedoeld. Wanneer men bedenkt dat de heersende opvatting is dat aan de Tweede Kamer in politiek opzicht een grotere betekenis moet worden toegekend dan aan de Eerste, wekt dit enige bevreemding.[2] Het zou dan voor de hand liggen het voorzitterschap van de verenigde vergadering aan de Tweede Kamer te doen toekomen.

Bij gelegenheid van de grondwetsherziening van 1983 heeft de Tweede Kamer tot tweemaal toe getracht deze bepaling aan te passen aan de gedachte dat haar het politieke primaat toekomt. De eerste maal werd het regeringsvoorstel, dat de voorzitter van de Eerste Kamer aanwees als voorzitter van de verenigde vergadering,[3] geamendeerd door de woorden ‘Eerste Kamer’ te vervangen door ‘Tweede Kamer’.[4] De Eerste Kamer verwierp echter dat voorstel. De regering diende het voorstel in oorspronkelijke vorm opnieuw in;[5] vervolgens amendeerde de Tweede Kamer de bepaling door deze te vervangen door een tekst die het kiezen van de voorzitter van de verenigde vergadering overliet aan die vergadering zelf.[6] Ook dit voorstel werd aan de overzijde van het Binnenhof verworpen. Het resultaat was dat de oude bepaling op enkele redactionele aanpassingen na ongewijzigd gehandhaafd bleef.

Deze ‘strijd’ om het voorzitterschap van de verenigde vergadering maakt duidelijk dat er kennelijk enig prestige aan het ambt is verbonden. Een verenigde vergadering komt veelal bijeen voor bijzondere gelegenheden met ceremonieel vertoon, zoals jaarlijks op de derde dinsdag in september, bij de Troonrede, of bij de beëdiging en inhuldiging van een nieuwe Koning en andere zaken rondom het koningschap en de erfopvolging.[7] Overigens hebben dergelijke zaken een minder sterk politiek karakter; ze markeren eerder belangrijke momenten en veranderingen in de constitutionele orde van ons land. Wellicht is het in dat licht toch passend dat juist de voorzitter van de Eerste Kamer de vergadering leidt. Ook brengt het voorzitterschap van de verenigde vergadering mee dat de voorzitter van de Eerste Kamer bij voorbeeld bij plechtigheden protocollair voor haar of zijn collega van de Tweede Kamer gaat.

De taken van de voorzitter van de verenigde vergadering komen in grote lijnen overeen met die van de voorzitters van de beide afzonderlijke Kamers: kort gezegd, het leiden van de vergaderingen, het handhaven van de orde daarbij en het uitvoeren van de besluiten van de vergadering.[8] Een verschil is dat het Reglement van Orde van de verenigde vergadering niet vermeldt dat de voorzitter de vergadering naar buiten toe vertegenwoordigt.
 

2. Literatuur


- P.P.T. Bovend’Eert, H.R.B.M. Kummeling, Het Nederlandse parlement, 11de  druk, Deventer: Kluwer 2010, p. 67 e.v.
 

3. Historische versies

Art. 104, tweede lid, Gw 1815: De voorzitter der eerste kamer heeft het beleid der vergadering (art. 105, tweede lid, Gw 1840).
Art. 103, tweede lid, Gw 1848: De voorzitter der Eerste Kamer heeft de leiding der vergadering (art. 108, tweede lid, Gw 1887; art. 109, tweede lid, Gw 1922; art. 111, tweede lid, Gw 1938, art. 118, tweede lid, Gw 1953).
    

Noten

  1. Dit commentaar is een bewerking en aanvulling van het commentaar bij dezelfde bepaling in: A.K. Koekkoek (red.), De Grondwet. Een systematisch en artikelsgewijs commentaar, 3de druk, Deventer: W.E.J. Tjeenk Willink, 2000, eveneens van de hand van G. Leenknegt.
  2. Zie ook het commentaar bij art. 51 Grondwet.
  3. Kamerstukken II 1976/77, 14 222, nr. 2, p. 2 (Nng IIIa, p. 3): art. 3.1.12 van het voorstel.
  4. Amendement-De Kwaadsteniet: Kamerstukken II 1979/80, 14 222, nr. 14 (Nng IIIa, p. 110).
  5. Kamerstukken II 1980/81, 16 640, nr. 2, p. 2 (Nng IIIb, p. 301): art. 3.1.12a van het voorstel.
  6. Amendement-De Kwaadsteniet: Kamerstukken II 1980/81, 16 640, nr. 6 (Nng IIIb, p. 315).
  7. Zie ook het commentaar bij artikel 51 Grondwet.
  8. Vgl. art. 6 RvOII; art. 13 RvO I; art. 1 RvO VV.

 

  • Citeer
    Citeer suggestie
    G. Leenknegt, Commentaar op artikel 62 van de Grondwet, in: E.M.H. Hirsch Ballin en G. Leenknegt (red.), Artikelsgewijs commentaar op de Grondwet, webeditie 2019 (www.Nederlandrechtsstaat.nl).
  • Deel
  • PDF
  • Terug
MEER OVER DIT ONDERWERP
THEMA IN HET KORT
ACHTER-GRONDEN
Reageer!
Thema in het kort

Verenigde vergadering

Dat de verenigde vergadering van de beide kamers der Staten-Generaal wordt voorgezeten door de voorzitter van de Eerste Kamer, lijkt gezien de verhouding tussen de beide kamers niet direct een logische keuze. Het politieke primaat komt in ons tweekamerstelsel immers toe aan de Tweede Kamer (artikel 51 Grondwet). Het zou daarom voor de hand liggen de voorzitter van de Tweede Kamer de verenigde vergadering te laten leiden. Anderzijds zijn de gevallen waarin de Grondwet een verenigde vergadering voorschrijft vaak situaties waarbij partijpolitieke overwegingen geen rol zouden moeten spelen, zoals rond het koningschap en de erfopvolging. In dat licht is het toch passend dat de voorzitter van de Eerste Kamer de verenigde vergadering leidt.
 
Toen de Eerste Kamer in 1815 in het leven werd geroepen, werd al in de Grondwet vastgelegd dat de verenigde vergadering door haar voorzitter wordt geleid. In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw heeft de Tweede Kamer tweemaal gepoogd daarin verandering te brengen, maar het daarvoor benodigde voorstel voor een grondwetsherziening werd beide keren door de Eerste Kamer verworpen.

Plaats Uw Reactie

*Verplicht invulveld straks zijn alleen uw naam en reactie zichtbaar.

Er kan enige tijd overheengan tot uw reactie zichtbaar is.

Reageer!

Verenigde vergadering

0 reacties
Klassieke uitspraken
Recente Recht- spraak
Politiek
Klassieke uitspraken

Verenigde vergadering

Over dit artikel zijn ons geen belangrijke en ‘klassieke’ rechterlijke uitspraken bekend.

Recente rechtspraak

Verenigde vergadering

Over dit artikel zijn ons geen recente rechterlijke uitspraken bekend.

Politiek

Verenigde vergadering

Video
Blogs
IN DE WERELD
Blogs

Verenigde vergadering

Willem Witteveen bespreekt de rol van de pers rondom het aftreden van Fred de Graaf als voorzitter van de Eerste Kamer.

In de wereld

Verenigde vergadering