Literatuur Democratische rechtsstaat

De rechtsstaat, een quick scan: de partijprogramma's voor de verkiezingen 2017 rechtsstatelijk?

Commissie Rechtsstatelijkheid in Verkiezingsprogramma's

Op initiatief van de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) zijn de verkiezingsprogramma’s 2017 aan een rechtsstatelijkheidstoets onderworpen door de Commissie Rechtsstatelijkheid in Verkiezingsprogramma's. Deze toets heeft geresulteerd in het onderzoeksrapport 'De rechtsstaat, een quick scan: de partijprogramma's voor de verkiezingen 2017 rechtsstatelijk?'. 

Het onderzoek is hier te lezen.

In reactie op het onderzoek pleiten Peter van Lochem en Huub Linthorst voor een gezaghebbende rechtsstatelijkheidstoets van verkiezingsprogramma's in het NJB 2017/11. Hun pleidooi is te lezen op het NJBlog.

Multiple politica en tegendemocratie: Politieke representatie en algemeen belang na 100 jaar algemeen kiesrecht (2017-2019)

Maurice Adams

Het nakende jubileum van het algemeen kiesrecht, maar ook de komende verkiezingen, nodigen bij uitstek uit tot bezinning over de vertegenwoordigende democratie. De suggestie die hier wordt gedaan is die democratie meer als een agora en platform op te vatten. Zo wordt een opener politiek debat mogelijk, dat zicht weet te houden op wat er in de tegendemocratie plaatsvindt en aan standpunten wordt geagendeerd. Tegelijkertijd blijft robuuste verankering van instituties minstens even cruciaal, want juist die staan garant voor stabiliteit en voor de rechtsstaat. De uitdaging bestaat er dus in om dialectisch te democratiseren en het ene te doen en het andere niet te laten: intelligent ruimte geven aan de tegendemocratie en hindermacht, en verstandig voortbouwen op wat de vertegenwoordigende democratie en flankerende instituties te bieden hebben.

Dit artikel verscheen in het NJB (2016/1753) en werd door Adams voorgedragen tijdens het symposium over algemeen kiesrecht en de Toekomst van de vertegenwoordigende democratie op 27 september 2016. De reactie van Gerdi Verbeet op Adams zijn voordracht is verschenen op ons forum.

Rechtspraak en politiek: hoe leven die samen in het ene huis, dat democratische rechtsstaat heet?

J.J. Dammingh & L.M. van den Berg

Op 27 mei 2016 vond de voorjaarsvergadering van 2016 van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht plaats en was getiteld ‘Rechtspraak en politiek: hoe leven die samen in het ene huis, dat democratische rechtsstaat heet?’. De vraag 'Hoe verhouden de rechtspraak en de politiek zich – binnen het krachtenveld van de trias politica – tot elkaar?' stond tijdens deze vergadering centraal. Aanleiding daarvoor was niet alleen de bezorgdheid over de toenemende invloed die de politiek uitoefent op de rechtspraak ('de verbestuurlijking van de rechtspraak') maar ook dat de rechter de laatste tijd het domein van de politiek vaker betrad.

Het verslag van deze vergadering is inmiddels gepubliceerd in het Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging en vindt men hier.

De temporele dimensie van de rechtsstaat: Beschouwingen naar aanleiding van het Jaarverslag van de Raad van State

Maurice Adams

In het eerste, meer beschouwende, hoofdstuk van het Jaarverslag van de Raad van State, worden actuele politieke en bestuurlijke ontwikkelingen geduid in het licht van de waarden en vereisten van rechtsstaat. Naar aanleiding van de publicatie van het Jaarverslag van 2015 thematiseert Maurice Adams de relatie tussen deze waarden en vereisten en het tempo waarmee politieke en bestuurlijke actoren handelen. Dit artikel verscheen in Ars Aequi (AA20160787).

Financiering van de Rechtspraak in rechtsstatelijk kader

Kees Sterk & Frans van Dijk

De Wet op de Rechterlijke Organisatie en het daarop gebaseerde Besluit financiering rechtspraak normeren de financiering van de Rechtspraak. Daarin is om rechtsstatelijke redenen gekozen voor afstand van de uitvoerende macht tot de rechterlijke macht. Dit uit zich onder meer in de regel dat de kosten verbonden aan het eigenlijke rechtspreken (het primaire proces) vastgesteld moeten worden op grond van een objectieve meting van de werklast van de gerechten. De rechter bepaalt in beginsel de tijd die nodig is voor een goede en zorgvuldige behandeling van een zaak, met een prikkel tot doelmatig werken. De uitvoerende macht redeneert echter niet meer vanuit deze wettelijk verankerde norm. Steeds meer zijn generieke kortingen en begrotingsproblemen van het Ministerie van Veiligheid en Justitie leidend bij de financiering van de Rechtspraak. Deze praktijk is in strijd met de wet en tast de rechterlijke en institutionele onafhankelijkheid aan.

Dit artikel verscheen in NJB 2016/1178.

Tegen de stroom: Over mensen en ideeën die hoop geven in benarde tijden

Ernst Hirsch Ballin

Als men een samenleving op haar beloop laat, zijn er winnaars en verliezers. De kortste weg naar de macht is het mobiliseren van een groep die zich van anderen onderscheidt door ras, religie of een ander vermeend kenmerk van superioriteit. Mensen die deel uitmaken van zo’n groep zijn vaak de laatsten die erachter komen waarheen ze zijn meegesleurd. Geweld lijkt gewoon, de slachtoffers ondergaan rechteloosheid omdat van het recht een controletechniek is gemaakt.
Lodewijk Ernst Visser, de in 1941 ontslagen president van de Hoge Raad, doorzag scherper dan anderen dat de Nederlandse constitutionele beginselen geslachtofferd werden door de Joodse Nederlanders te isoleren, nog vóór de massale deportaties begonnen. Ook de gelovige mysticus Titus Brandsma was meer op zijn hoede dan de zelfbenoemde realisten die – binnen een jaar na de militaire overgave van mei 1940 – mentaal voor Hitlers imperium capituleerden. Brandsma liet zich niet intimideren en hield de hoop op medemenselijkheid levend. Dat deed ook Anton de Kom, die uit Suriname was verbannen omdat hij niet accepteerde dat de Nederlandse kolonisten zichzelf als superieur beschouwden. Tegen de nationaalsocialistische bezetters zette hij de strijd voor ieders gelijke rechten voort.
In zijn boek Tegen de stroom heeft Ernst Hirsch Ballin de veelzeggende verhalen van Visser, Brandsma en De Kom samengebracht. De verheerlijking van (ogenschijnlijk) homogene samenlevingen van vroeger, leren hun verhalen, is net zo goed verderfelijk als een toekomstbeeld met één superieure ideologie of cultuur. Tegen de stroom van zulke bewegingen in maakt het recht ruimte voor gewone en ongewone mensen.

Dit boek is uitgegeven door Querido in april 2016.

De rechtsstaat: van sluitpost naar 'Leitmotiv'

S. Zouridis, W. Wierenga & B. Niemeijer

De kritische woorden van de Raad van State in zijn jaarverslag over de rechtsstatelijkheid van politieke besluitvorming, roepen een aantal vragen op. In de eerste plaats de vraag of er echt een probleem is op dit punt en – zo ja – wat daarvan de oorzaken zijn. In hoeverre is de diagnose van de Raad op dit punt valide en in hoeverre is de receptuur die de Raad hiervoor voorschrijft een adequate oplossing voor de kwaal? Als de rechtsstatelijke waarden inderdaad in het geding zijn, hoe versterken we die waarden dan? Hoe maken we van rechtsstatelijke waarden een leitmotiv in plaats van een sluitpost?

Dit artikel verscheen in het NJB 2016/947.

Drie dimensies van de rechtsstaat

Maurice Adams & Willem Witteveen

De rechtsstaat vertoont een veelzijdig beeld met een ondergrens van een fatsoenlijke overheid en een ambitieus ideaalbeeld van een vrije samenleving van burgers. Deze twee dimensies zijn onderling van elkaar afhankelijk, en zijn dan ook relevant voor ieder debat over de staat van de rechtsstaat. De empirische (derde) dimensie van de democratische rechtsstaat moet daarbij uitdrukkelijk worden betrokken. Responsiviteit vanwege de overheid impliceert dat de publieke mening ernstig wordt genomen, maar niet dat diezelfde overheid zich vanzelfsprekend associeert met opportunistische overname van standpunten die in de samenleving leven, of met het capituleren als gevolg van maatschappelijke druk. Dat betekent ook dat de burger moet aanvaarden dat er beslissingen worden genomen die tegen zijn directe belangen ingaan. Juist daarom moet hij in zijn politieke betrokkenheid een evenwicht vinden tussen een aantal schijnbaar tegenstrijdige houdingen: betrokkenheid én afstandelijkheid, activisme én berusting, protest én aanvaarding. Een vertrouwensrelatie tussen burger en overheid is daarbij onontbeerlijk. Het is mooi dat onlangs een debat over de rechtsstaat plaatsvond in de vergaderzaal van de Eerste Kamer, en het valt te hopen dat de bewindslieden er iets van hebben meegenomen naar hun bestuurlijke werk. Het zou nog mooier zijn als het een breder debat wordt waar burgers zelf aan deelnemen.

Dit artikel verscheen in het NJB 2014/1017

Constitutionele geletterdheid voor de democratische rechtsstaat

Maurice Adams

Onze constitutionele cultuur kan als wat relativistisch, pragmatisch of zelfs badinerend worden bestempeld. Maar iedere democratie rust op de pijlers van legitimiteit en slagkracht. Ter wille van de democratische rechtsstaat zou dat ook moeten worden bewerkstelligd en bevorderd vanuit constitutioneel perspectief. Zonder de conditio sine qua non van de geest van vrijheid, pluralisme en solidariteit gaat dat niet. Is die afwezig, dan is een revitalisering van het constitutionele domein een zinloze exercitie. Blijkt er echter ook maar iets van die geest aanwezig dan heeft het wel degelijk zin om ook vanuit een constitutioneel perspectief de democratische rechtsstaat te bevorderen. Want ‘when the spirit of liberty still lives in the hearts of men and women then law, courts, and constitutions are the indispensable oxygen, indispensable to keep that flame of liberty still alive.’ In deze op 24 april 2013 uitgesproken rede roept Adams op te komen tot de ontwikkeling van wat hij ‘constitutionele geletterdheid’ noemt.

De rede kan worden teruggelezen in het NJB 2013/874.

Stresstest rechtsstaat Nederland

Alex Brenninkmeijer

In hoeverre voldoet de Nederlandse rechtsorde aan de vereisten van de rechtsstaat? Om een helder beeld te krijgen van de relevante kwesties voor de uitvoering van een stresstest rechtsstaat wordt de rechtsstaat als systeem benaderd. Langs de lijnen van de trias politica wordt verkend welke rechtsstatelijke gebreken in Nederland onderkend kunnen worden in wetgeving, bestuur en rechtspraak, die niet binnen de normale waarborgen van onze rechtsorde gecorrigeerd worden. Doel is om een overzichtsbeeld te schetsen van de staat van onze rechtsstaat en daarmee de vraag te beantwoorden of ons rechtsstatelijke systeem in een situatie van stress het af kan laten weten. De conclusie blijkt gerechtvaardigd dat op al deze drie domeinen, maar in het bijzonder bij de wetgeving, de systeemwaarborgen in de Nederlandse democratische rechtsstaat tekort schieten. Bij het functioneren van onze rechtsstaat is sprake van een systeemfalen.

Lees de inaugurele van Brenninkmeijer gehouden op 20 april 2015 terug in NJB 2015/740